Identiteit
Het Onderwijs op de Flamingoschool is gebaseerd op een Katholieke levensvisie. Dit houdt in dat onze waarden en normen hun oorsprong vinden in de bijbel. In onze schoolsituatie hebben deze waarden en normen vooral betrekking op de omgang met elkaar en de omgeving. Wij verwachten van alle bij de school betrokkenen dat zij respect hebben voor anderen en dat in onderlinge contacten in woord en gebaar tonen.
Daarnaast is het van belang dat iedereen vertrouwen heeft in de positieve bedoelingen van de ander. De Flamingoschool vindt dat de kennis van verhalen uit de bijbel behoort tot de culturele bagage van de leerlingen.
Het is voor ons duidelijk dat de inspiratiebron voor veel bij de school betrokkenen ook een andere kan zijn.
Gedurende het schooljaar werken wij in alle groepen op school gezamenlijk aan thema's op het gebied van Levensbeschouwing en Identiteit. Wekelijks wordt hieraan in alle groepen gericht aandacht besteed. Hiertoe maken wij gebruik van de methode "Hemel en Aarde".
De Flamingoschool heeft een open karakter. Iedereen met of zonder religieuze achtergrond, die zich in het voorgaande kan vinden, is van harte welkom.
![]() |
![]() |
![]() |
Sinterklaas
Ook bij ons op school weet de goedheiligman ieder jaar weer een bezoek te brengen. In de onderbouw krijgen de kinderen van Sinterklaas een cadeautje; in de bovenbouw werken wij met surprises.
|
|||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Lichtdrager |
Kerstmis
Met kerst vieren wij op de Flamingo de geboorte van Jezus. Wij hebben in de klas kerstdiner en het is gebruikelijk dat groep 7 een kerstmusical speelt.

De betekenis van K e r s t m i s.
De K is van Kindje.
Alle kinderen vinden het fijn om te kijken naar
het kleine Kindje in de kribbe.
Alle kinderen willen misschien ook lijken op
dat kindje Jezus, dat zoveel geluk en vrede bracht.
De E van Eenzaam.
Ook in deze tijd is er veel verdriet en eenzaamheid.
Kerstmis zegt ons: niemand mag in de kou
blijven staan.
De R van Rijk.
Je denkt dan meteen aan geld en goed, maar
het kan ook rijk zijn van vreugde, rijk, diep
in je hart, net als in de stal.
De S van Soldaten.
Er zijn er zoveel over de wereld, te veel.
Oorlog en vechten! Waarom?
Het Kerstkind leert ons: vrede op aarde voor
alle mensen.
De T van Thuis.
Thuis is geborgenheid, gezelligheid en saamhorigheid.
Niet alleen rond de kerststal, maar altijd.
De M van Maria, de moeder van Jezus.
Het is ook de M van alle moeders, die zorg hebben voor hun kinderen.
Mogen zij, en natuurlijk ook de vaders,
thuis zorgen voor dezelfde sfeer als in de stal
bij het Kindje Jezus.
De I van Iedereen.
Kerstmis is er voor elk van ons.
Je huis en hart open zetten voor iedereen,
want ieder heeft een ander nodig.
De S van Stilte, Sfeer en Slot.
Stilstaan bij verdriet en bij vreugde.
Stil worden van geluk, sprakeloos van een wonder.
Het wonder van de geboorte van het Kindje Jezus.
Carnaval
Op de dag dat wij carnaval op school vieren mag iedereen verkleed naar school komen. In groep 8 worden een Prins en Prinses Carnaval verkozen, die de speciale carnavalsviering in de aula leiden.
Pasen
Op de zondag voor Pasen, begint in die tijd het joodse feest Pesach
(de bevrijding van het joodse volk uit Egypte). Zoals veel mensen trekt ook Jezus met de apostelen,zijn leerlingen, naar Jeruzalem, want dit feest duurt 7 dagen lang.

Jezus wordt groots ontvangen, de mensen juichen.
Hij bezoekt de zieke en zwakke mensen en geneest ze.
Hij vertelt over God en wordt in korte tijd geliefd en beroemd.
De priesters zijn bang voor Jezus en willen hem uitleveren aan Pilatus,
een man met gezag en macht uit Rome.
Op donderdag heeft Jezus een avondmaaltijd met zijn leerlingen,
'het laatste avondmaal' genoemd.
Jezus wast op deze avond óók de voeten van zijn leerlingen.
Dan zegt Jezus : "één van u zal Mij verraden".
Even later zegt hij tegen Judas dat hij moet gaan doen wat hij van plan was te doen. Judas vertrekt.
Na de maaltijd gaat Jezus met zijn leerlingen Petrus, Johannes en Jacobus naar de Olijfberg net buiten Jeruzalem om te bidden. Na enige tijd verschijnt een groep priesters en hoofden uit tempels, met Judas voorop, die Jezus ter begroeting kust. De kus is het teken dat soldaten Jezus gevangen mogen nemen. Dit heeft hij zo afgesproken met de priesters.
Voor deze dienst zou Judas een beloning van dertig 'zilverlingen' krijgen. (geldstukken)

Jezus wordt veroordeeld door Pontius Pilatus en gekruisigd op de berg Golgotha.
Zijn vrienden halen hem 's avonds voorzichtig van het kruis en leggen hem in een graf dat in de rotsen is uitgehakt. Voor de ingang van het graf komt een grote steen.
De zondag erna, komen drie vrouwen bij het graf. Ze willen er geurende kruiden gaan leggen. De zon is net op als ze aankomen. Plotseling blijven ze geschrokken staan. De steen is weg en het graf is leeg. Naast hen verschijnt een engel.
De engel zegt: "Hij is er niet meer. Hij is opgestaan!" (hij leeft weer!)
Vervolgens verschijnt Jezus in de 40 dagen na Pasen vaak aan zijn leerlingen.
Zijn leerlingen herkennen Hem aan de dingen die Hij de leerlingen vertelt. 
Thomas is op dat moment niet aanwezig.
Hij zegt dat hij de opstanding van Jezus pas wilt geloven als hij de wonden van de spijkers in de handen van Jezus zou zien en zijn vinger erop kan leggen.
Een paar dagen later verschijnt Jezus opnieuw aan zijn leerlingen en laat hen de wonden aan handen zien en betasten. Thomas schaamt zich voor zijn ongeloof. (de ongelovige thomas!)
En dan komt het moment dat Jezus definitief, voor altijd, naar Zijn Vader in de Hemel gaat.
Hij verschijnt niet meer aan zijn leerlingen. Terwijl de leerlingen naar boven kijken vaart (stijgt)Hij op een wolk naar de hemel. Hemel-vaart.

De leerlingen van Jezus zijn alleen achtergebleven. 10 dagen later is het heel druk in Jeruzalem.
Er zijn joden vanuit het hele Romeinse Rijk.
De leerlingen zijn op deze dag ook bij elkaar, en voelen plotseling een harde windvlaag. Het is de heilige Geest die in hen komt.
De leerlingen lopen de straat op en beginnen in allerlei vreemde talen hardop te praten. Ze vertellen over de grote daden van God en zijn zoon Jezus.
De mensen om hem heen zijn verbaasd, dat ze alles kunnen verstaan.
Ongeveer 3000 mensen laten zich op die dag dopen.
Ze blijven bij de leerlingen en krijgen les van hen.
Samen vormen zij de eerste groep mensen die zich "christenen" noemen.




Vanuit traditie, volkscultuur en legenden kan de persoon van Sint Nicolaas getypeerd worden als: het goede, iemand die het menselijk leven door en door kent, barmhartig is en vergevingsgezind.
Boot
Spanje
Schimmel
Zwarte Piet
Schoen en wortel
Appeltjes van oranje